De gestorvene, gedicht van Ida Gerhardt

De gestorvene

Zeven maal om de aarde gaan,
als het zou moeten op handen en voeten;
zevenmaal om die ene te groeten Zwaaien
die daar lachend te wachten zou staan.

Zeven maal om de aarde gaan
Zeven maal over de zeeën te gaan,
schraal in de kleren, wat zou het mij deren,
kon uit de dood ik die ene doen keren.

Zeven maal over de zeeën gaan –
zeven maal om met z’n tweeën te staan.

Auteur: Ida Gerhardt
Ida Gerhardt

Ida Gerhardt

Ida Gardina Margaretha Gerhardt (Gorinchem, 11 mei 1905 – Warnsveld, 15 augustus 1997) was een Nederlands dichteres en classica. Ook heeft zij literatuur vertaald uit het Latijn en het Hebreeuws.

Ida Gerhardts eerste boek – de bundel Kosmos – verscheen op 9 mei 1940, één dag vóór het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog. De bezetting inspireerde haar tot een van haar beroemdste gedichten, Het Carillon, dat in 1945 verscheen in haar tweede bundel: Het Veerhuis. Hiervoor ontving ze de Lucy B. en C.W. van der Hoogtprijs, maar Ida’s familie misgunde het haar. Niettemin schreef ze in Kampen nog drie dichtbundels en vertaalde ze de Georgica van Vergilius.

Uitvoering van De gestorvene door Trijntje Oosterhuis:


Lees ook: Als huilen bidden is