Vlinder

Vlinder

Ooit was ik ingesponnen
met spinsel rond mijn rupsenlijf. Rups
Ik dacht, wat ben ik nu begonnen,
mijn metamorfisch tijdverdrijf.

Cocoonen bood geen wooncomfort,
was ik maar rups gebleven.
Met groene blaadjes op mijn bord,
dat was pas luxeleven.

Behoedzaam ging de zon aan ’t schijnen
en werd het mij als pop te heet.
Mijn zijdespon begon verkwijnen
toen ik er een stuk uitbeet.
Vlinder
Mijn vleugels vlogen vluchtend heen
Icarus’ paden achterna.
Het lijzig labyrint verdween
in ruil voor lux aeterna.

Nu vlieg ik dartel van rank naar roos
van tak naar hak, van her naar hot.
Mijn vleugelgoud is grenzeloos
en mateloos mijn aards genot.

Auteur: Ludo Coulier

Op Gedichten-freaks zijn nog meer gedichten te vinden van Ludo Coulier.