Angelus Silesius

Angelus Silesius

Wat verfijnd is, dat houdt stand
Rein als het fijnste goud, standvastig als een rots,
helemaal zuiver als kristal hoort je gemoed te zijn.

Alleen God kan voldoening schenken
Weg, weg, jullie Serafijnen, jullie kunnen mij niet verkwikken!
Weg, weg, jullie engelen allemaal en al wat de aandacht op jullie vestigt!
Ik nu wil niets met jullie van doen hebben; ik werp mij alleen
in de ongeschapen zee van de zuivere Godheid in.

Men weet niet, wat men is Vraagtekens
Ik weet niet, wat ik ben; ik ben niet, wat ik weet:
Een ding en niet een ding; een aanzetje en een cirkel.

Jij moet zijn, wat God is
Wil ik mijn uiteindelijke doel en mijn eerste begin vinden,
dan moet ik mijzelf in God en God in mij gronden
en worden dat, wat Hij is:
ik moet een glans in het Glanzen,
ik moet een woord in het Woord, een god in God zijn.

Men moet nog voorbij aan God
Waar is mijn oponthoud?
Waar ik en jij niet bestaan.
Waar is mijn uiteindelijke doel, naar welk ik toe zal gaan?
Daar waar men er geen vindt.
Waar moet ik dan nu heen?
Ik moet nog voorbij God een woestijn binnengaan.

God leeft niet zonder mij
Ik weet, dat zonder mij God nog geen ogenblik lang kan leven;
word ik tot niets, Hij moet noodgedwongen de Geest geven.

Ik heb het van God en God heeft het van mij
Dat God zo zalig is en leeft zonder verlangen;
heeft Hij zowel van mij, als ik van Hem ontvangen.

Ik ben als God en God als ik
Ik ben zo groot als God, Hij is als ik zo klein:
Hij kan niet boven mij, ik niet onder Hem zijn.

God is in mij en ik in Hem
God is in mij het vuur en ik in Hem de weerschijn:
Zijn wij elkaar niet heel innig gemeen?

Men moet zich over-zwaaien
Mens, waar jij je geest zwaait over plaats en tijd,
daar kun je elk moment zijn in de eeuwigheid.

De mens is eeuwigheid
Ikzelf ben eeuwigheid, wanneer ik de tijd verlaat
En mij in God en God in mij tezamenvat.

Een Christen is zo rijk als God
Ik ben zo rijk als God; er kan geen stofje bestaan,
dat ik (mens, geloof me) met Hem niet heb gemeen.

De Over-Godheid
Wat men over God zegt, dat is mij nog niet genoeg:
de Over-Godheid is mijn Leven en mijn Licht.

De liefde dwingt God
Waar God mij niet over God heen zou willen brengen,
daar wil ik Hem met naakte liefde daartoe dwingen.

Een Christen is Gods zoon
Ook ik ben Gods zoon, ik zit aan Zijn hand:
Zijn geest, Zijn vlees en bloed zijn Hem aan mij bekend.

Ik doe het God na
God heeft mij lief boven Zich; heb ik Hem lief boven mij,
dan geef ik Hem zoveel, als Hij mij geeft vanuit Zichzelf.

De geheime dood
De dood is een zalig ding: hoe krachtiger hij is,
hoe heerlijker daaruit het leven wordt uitverkoren.

Angelus Silesius is een pseudoniem voor Johannes Scheffler, die leefde van 1624 tot 1674.