Blind het internet op

De kunst van het handlezen: Blinden lezen met de vingertoppen wat de brailleleesregel van de inhoud van de website weergeeft. Vrouw achter aangepaste computer met brailleleesregel

Op de tast surfen op het internet

Blinden gebruiken het internet intensiever dan zienden. Maar net als in real life stuiten ze ook op het web op barrières. De brailleleesregel blijft leeg of hun spraaksoftware verstomt.

Als Jos Lemmens iets zoekt op het internet, gebruikt hij Google. Hij laat de resultaten voorlezen:

"Link-CHIPOnline(nl)HomepageCHIPheeftalsenigcomputerbladindeBenelux- nietalleenelkemaandeenCD-rommaarooknogeenDVDmetdaaropallefilm-trailers dieindiemaandindewww.fnl.nl/chip/18kLinkIncacheLinkGelijkwaardigepagina’s LinkPlanetDownloadDesitevanhetbekendeNederlandsecomputerbladChipbewijst dit",
klinkt het in razend spreektempo door de luidsprekers. Een synthetische stem leest de complete website voor. "Het spraaksysteem ViaVoice van IBM gebruik ik het meest. Je bent na een paar dagen gewend aan het zware Engelse accent, maar soms schakel ik toch over naar de hardwarematige spraaksynthesizer Apollo-2 of Nederlandstalige spraaksoftware", legt Jos uit.

Daarnaast gebruikt hij een brailleleesregel. Razendsnel glijden zijn vingertoppen over piepkleine metalen stiftjes, die uit het oppervlak van de module opspringen. Het brailledisplay geeft steeds een regel van de beeldscherminhoud weer. Stap voor stap reconstrueert de 41-jarige het beeldscherm. 
Brailleleesregel

Jos Lemmens kijkt in het niets en navigeert via shortcuts en navigatietoetsen geroutineerd door de grote hoeveelheid informatie op internet. Rond 1993 begon hij zijn weg te vinden in het World Wide Web. Hij gebruikt e-mail om met familie en vrienden in contact te blijven en terwijl anderen ‘s morgens de krant uit de brievenbus halen, informeert hij zich via internet over wat er in de wereld gebeurt. Hij houdt zijn eigen website bij en wisselt muziek en bestanden uit met vrienden. Hij zou niet meer zonder het internet willen. Met het internet kan hij nu zelfstandig naar cd’s of boeken zoeken. En hij zou nog minder afhankelijk van anderen zijn als het eindelijk mogelijk wordt om online te stemmen. Internet helpt dus bij het zelfstandig functioneren van blinden en slechtzienden.

Profijt

Blinden profiteren meer van het internet dan mensen die kunnen zien. Het bezorgt hen een reusachtige stap in de richting van sociale integratie en zelfstandig leven: privé en beroepsmatig. Blinden die tot in de jaren ’70 op beroepen als borstelmaker, pianostemmer of masseur waren aangewezen, werken tegenwoordig dankzij de pc en e-mail in communicatieberoepen of zijn ondernemer of softwareontwikkelaar. Omdat het internet een alternatief biedt voor de barrières in het alledaagse leven, gebruiken visueel gehandicapten het internet intensiever dan zienden. Maar ondanks dat ze vaker dan gemiddeld op het net zijn, kunnen ze talrijke aanbiedingen niet gebruiken.

Daarbij vormen visueel gehandicapten een aanzienlijk deel van de webgebruikers. Volgens de NVBS (Nederlandse Vereniging van Blinden en Slechtzienden) zijn er in Nederland naar schatting 650.000 blinden en slechtzienden. Insiders gaan echter van een veel hoger aantal uit. Het niet officieel geregistreerde aantal zou bij meer dan een miljoen liggen.

De oorzaak voor het grote verschil tussen deze aantallen is dat mensen, die hun gezichtsvermogen pas op latere leeftijd of na een ongeluk verloren hebben, zich haast nooit aansluiten bij een blindengroep en daarom niet worden opgenomen in de statistieken.

Experts geloven dat het aantal visueel gehandicapten zich in de komende zes tot tien jaar zal verviervoudigen. Vandaag de dag is al een op de zes Nederlandse webgebruikers 50 jaar of ouder. De groeisnelheid bij de ‘zilveren surfers’ die vanwege hun hoge leeftijd slechtziend zijn, is door de demografische ontwikkeling enorm. Met het oog op deze aantallen wint het thema barrièrevrij internet’ explosief aan kracht.

Computerscherm

Hoorscherm en monitor voor de handen

Om een pc te kunnen bedienen, hebben blinde gebruikers niet-visuele apparaten en programma’s nodig. Voordat de brailleleesregels gegevens kunnen weergeven of de computerstemmen tekst kunnen voorlezen, moeten ze de nodige informatie krijgen. Speciale interface-software, de screenreader, neemt deze taak over. Screenreaders als het wijd verbreide JAWS (Job Access without Speech) ontvangen de weer te geven gegevens van de relevante hardware. Ze bewerken deze gegevens en delen ze bij de afzonderlijke programma’s in.
Microsoft biedt aanvullend de MSAA interface (Microsoft Active Accessibility) aan, die verdere informatie aan de screenreader kan leveren.

De tot 3000 euro kostende programma’s gebruiken een geïntegreerde spraakuitvoer via de geluidskaart van de computer om de beeldscherminhoud weer te geven en maken zo een hoorscherm uit het beeldscherm. De meeste blinden stellen het spreektempo daarbij zo snel in, dat een ongeoefende geen kans heeft om er iets van te verstaan.

Aanvullend geven screenreaders de gegevens aan de brailleleesregel door, de monitor voor de handen. De elektronische brailleleesregels worden naast het toetsenbord op de pc aangesloten. Ze bieden al naar gelang het model plaats aan 20, 40 of 80 tekens. Moderne brailleleesregels bezitten modules voor Cursor Routing, dus voor het snelle positioneren van de cursor. De gegevens- en opdrachteninvoer gebeurt net als bij zienden via het computertoetsenbord.

Zo kunnen blinde gebruikers, zonder de grafische gebruikersinterface te zien, programma’s als de Internet Explorer gebruiken. Vaak maken ze ook gebruik van speciaal voor het werken op internet geoptimaliseerde extra programma’s, zogenoemde web- of homepagereaders. Die programma’s nestelen zich in in de browser, geven HTML-sites in een tekstvenster weer en wijzen via woorden als ‘Link’ of ‘Knop’ op besturingselementen.

De computerplek van Jos Lemmens verschilt, als je de brailleleesregel en het hardwarematige spraaksysteem buiten beschouwing laat, niet van die van ziende mensen. De specifieke blindenhulpmiddelen worden betaald door de zorgverzekeraar. Jos draait Linux op zijn computer, waar een aantal spraaksynthesizers gratis voor te downloaden zijn. Voor een hardwarematige spraaksynthesizer is nog wel een screenreader nodig, wat meteen een probleem vormt bij Linux: de braille- en spraakaanpassingen werken voorlopig niet op de grafische versie van Linux. Daarom draait Jos de tekstversie.

Maar daar stuit hij op een volgend probleem. Voor de tekstversie van Linux zijn een aantal browsers beschikbaar die goed overweg kunnen met HTML en frames, maar niet met JavaScript en Flash. "Veel pagina’s maken hier gebruik van, zodat ik die pagina’s niet kan bekijken", zegt Jos. "Mijn ervaring is dat er steeds meer gebruik wordt gemaakt van JavaScript en Java. Ook Flash wordt steeds vaker gebruikt. Bij veel webbouwers gaat het niet om de inhoud, maar puur om hoe het eruit ziet. Hoe meer plaatjes, kleuren, flitsende teksten en dergelijke, hoe beter ze het vinden." Het zou volgens Jos een stuk beter zijn als er altijd een beschrijving bij het plaatje wordt gezet met het ALT-attribuut.

Zeg mij wat ik voel

Eenvoudige afbeeldingen kunnen als voelbare reliëfs worden weergegeven, maar het gebruik van een beeldbeschrijving in plaats van de afbeelding geniet meestal de voorkeur. De betekenis van een tekening voor blinden wordt door zienden altijd onderschat. Een blinde zou men eigenlijk moeten zeggen, wat hij daar voelt. Omdat reliëfdruk in brailleschrift enorm veel plaats en (dik) papier verbruikt, ontstaan uit een klein schoolboekje dikke, meerdere delen omvattende pillen.
meisje leest braille

Ook de blinde student en koorzanger Aleksander Pavkovic kan daarover een verhaal vertellen. Van zijn handwoordenboek Latijn, dat in blindenschrift vier zware boekdelen omvat, bezat hij twee exemplaren: één voor ‘thuis en één voor op school. Hij was niet sterk genoeg om de boekdelen in zijn schooltas mee te dragen. Maar nu is dat voorbij: tegenwoordig staan zijn naslagwerken op internet. Vakliteratuur voor zijn psychologie-, politiek- en geschiedenisstudie heeft hij ingescand en op zijn harde schijf of een CD-ROM opgeslagen. In plaats van in de blindenbibliotheken naar literatuur te zoeken, speurt hij nu het internet af naar actuele informatie voor zijn studie.
"Er zijn ook al virtuele seminars waar je niet fysiek aanwezig hoeft te zijn, bijvoorbeeld van het eveneens virtuele ‘University System of Georgia’", vertelt Aleksander. Om aan deze seminars te kunnen deelnemen, heeft hij in de woonkamer een pc staan die met een internetaansluiting en een brailledisplay is uitgerust. Tot zijn uitrusting behoren bovendien een brailleprinter, scanner, mobilofoon, wereldontvanger en een kleurenmeetapparaat. Brailleleesregels worden vaak vergoed door de zorgverzekeraar of, als het om beroepsmatig gebruik gaat, door het UWV Gak.

Op het raam van de woonkamer is een doorschijnende foto geplakt van vier kaarsen op een takje, een kerstachtig motief. "Zo te horen is het buiten lichter geworden", zegt Aleksander en luistert naar het geklak van zijn kleurherkenningsapparaat, dat ook de helderheid in een ruimte kan weergeven. Voor een kooroptreden onderzoekt hij met de kleurmeter of hij, in overeenstemming met de kledingvoorschriften, een zwart colbertje draagt. Hij wendt zijn gezicht van het raam af. Het internet betekent voor hem een grote vrijheid.

Onafhankelijkheid

En onafhankelijkheid. Bij het winkelen bijvoorbeeld. "Het is extreem belastend voor blinden om inkopen in de supermarkt te doen.", legt hij uit, "Een verkoper moet voor jou het hele winkelassortiment voorkauwen, want voor ons zien alle conserven er hetzelfde uit." Als Aleksander met zijn eveneens blinde vriendin gaat winkelen, gaat zijn moeder mee. Op internet daarentegen kan hij zelfstandig en zonder blindenstok door de uitgestalde artikelen slenteren, zonder betutteling ‘rondkijken’ (dat wil zeggen, de waren laten beschrijven), in de online supermarkt bestellen en de levensmiddelen thuis laten afleveren.

Wat staat er dan op het beeldscherm?

Jos Lemmens kan niet internetbankieren. Alle pagina’s voor internetbankieren maken gebruik van JavaScript of Flash, zijn webbrowser kan er niet mee overweg. En ondanks de webreader blijven sommige online winkels voor Aleksander ontoegankelijk.
Nu is het niet zo dat de bezitter van een online winkel een bord voor zijn winkel zou hangen met "Blinden zijn hier ongewenst". Toch is de bonte warenwereld alleen toegankelijk voor visueel gehandicapten, als de webshop zo is gebouwd dat ook blinden hem kunnen betreden: barrièrevrij.

TIEN GEBODEN VOOR TOEGANKELIJKHEID

De tien belangrijkste richtlijnen van het Web Accessibility Initiative (WAI)
1. Plaatjes en animaties: gebruik het ALT-attribuut om de functie ervan te beschrijven.
2. Image maps: gebruik client-side MAP en geef tekst voor de hotspots
3. Multimedia: geef bijschriften en transcripties voor audio en beschrijvingen voor video.
4. Hypertekst-links: gebruik tekst die ook buiten zijn context zinvol is, vermijd bijvoorbeeld ‘Klik hier’.
5. Ontwerp van de pagina: gebruik kopjes, lijsten en een consistente structuur, gebruik CSS voor lay- out en stijl waar mogelijk.
6. Grafieken en diagrammen: geef een samenvatting of gebruik het longdesc-attribuut.
7. Scripts, applets en plug-ins: geef alternatieven voor het geval dat dynamische eigenschappen on- toegankelijk zijn of niet worden ondersteund.
8. Frames: gebruik NOFRAMES en zinvolle titels.
9. Tabellen: zorg dat de tabel begrijpelijk is als hij regel voor regel wordt gelezen, geef een samenvatting.
10. Controleer je werk: valideer, gebruik hulpsoftware, checklists en richtlijnen van het WAI

Sinds literatuur elektronisch beschikbaar is wordt reliëfdruk in brailleschrift vanwege het enorme papierverbruik steeds zeldzamer.

Zijn gezondheidssites barrièrevrij? (Be)handelingsbehoefte: 82% van het gezondheidsaanbod op het web is volgens een studie niet geschikt voor gehandicapten.

Net als bij gebouwen of openbare verkeersmiddelen bestaan er op het internet obstakels, die het blinden onmogelijk maken van een online aanbod gebruik te maken. Deze barrières zijn niet zo duidelijk als bijvoorbeeld een trap voor iemand die in een rolstoel zit, want ze zijn in de programmacode van een site verstopt. Veel sites zijn zo geprogrammeerd, dat ze door de genoemde hulpmiddelen alleen gedeeltelijk of helemaal niet kunnen worden omgezet. Hoe meer grafische gebruikerselementen er op een site zijn, hoe zwaarder de screenreader het heeft. Wanneer helemaal niets meer lukt, blijft de spraakuitvoer stil en de brailleleesregel leeg.

Het is bitter dat juist aanbod dat voor blinden belangrijk is, zoals thuisbankieren, online winkelen en infosites over gezondheidsthema’s, vaak niet barrièrevrij is. De reden: sinds bewegende beelden, lopende lichtreclames en knipperende knoppen hun intrede deden op het internet, geven slechtzienden de vormgeving van de websites als het grootste probleem aan. Ze ergeren zich er aan dat teksten voor het beschrijven van afbeeldingen ontbreken. Ze voelen zich verloren en gedesoriënteerd op sites waarvan de structuur voor hen verborgen blijft. Ze zijn woedend over sites, die vanwege voortdurend opspringende popups of drukke animaties niet te lezen zijn; over formulieren, die ze niet kunnen invullen en gecompliceerde tabellen, waarmee een screenreader niets kan beginnen.

In april is er een wetsvoorstel aangenomen: de WGBH/CZ (Wet Gelijke Behandeling op grond van Handicap of Chronische Ziekte).
Het wetsvoorstel moet er in het kader van de Algemene Wet Gelijke Behandeling voor zorgen dat ongelijke behandeling of discriminatie op grond van een handicap of chronische ziekte wordt voorkomen en bestreden. Je kunt deze wet zien als een ‘aanbouwwet’, een soort bouwpakket. Als startpunt wordt ongelijke behandeling verboden bij werk en beroep, beroepsopleidingen en openbaar vervoer. Later kunnen hier andere terreinen aan worden toegevoegd.

Het wetsvoorstel zal uiterlijk in december van dit jaar in werking moeten treden, maar dat betekent niet dat de websites van allerlei instanties op korte termijn toegankelijk zullen worden. Websites voor werk en beroepsopleidingen hoeven zich volgens het wetsvoorstel namelijk niet meteen volledig aan de toegankelijkheidscriteria te houden. Bij het openbaar vervoer ligt het anders: organisaties die op hun websites reisinformatie aanbieden, moeten wel aan de criteria gaan voldoen.

Voorlopig zetten alleen initiatieven als Stichting Accessibility, Handicheck en Drempels Weg zich in om het internet toegankelijk te maken voor mensen met een visuele handicap. En de initiatieven hebben succes. Bedrijven, instanties en organisaties zijn gaan luisteren en melden zich aan voor een toetsing van hun websites. Ze passen hun websites steeds meer aan voor blinden en slechtzienden. Zo bieden veel bedrijven naast hun normale grafische versie ook een tekstversie van hun website. Maar de initiatieven en stichtingen voor toegankelijker internet willen juist geen speciale oplossing voor gehandicapten: ze eisen een universeel design voor alle websites.

Een consequente omzetting volgens het geheel van WAI-richtlijnen (Web Accessibility Initiative, een initiatief van het W3C) voor al bestaande websites zou enorm veel programmeerwerk vergen. Gezien de economische interesse van commerciële aanbieders zal deze omzetting daarom niet plaatsvinden. Het is onwaarschijnlijk dat popups in de toekomst zullen verdwijnen omdat deze bij epileptische gebruikers een aanval kunnen uitlokken. Net zo min mogen blinden er op hopen dat alle online aanbiedingen binnen afzienbare tijd voor honderd procent geschikt worden gemaakt voor gehandicapten.

Tot die tijd moet Jos Lemmens een vriend bellen als hij iets online wil bestellen.

Overgenomen uit: Chip, september 2003, blz. 150-153
Door Elvira Kolb-Precht en Ute van Fessem

LINKS

www.accessibility.nl

www.w3c.nl
Richtlijnen Toegankelijkheid Web Content
De complete lijst van richtlijnen voor het toegankelijk maken van je website
Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport
Kijk onder "THEMA’S | Gehandicapten"